Jan Cremer revisited

Uitgeverij De Bezige Bij onderneemt een nieuwe poging om de schrijvende, schilderende en zwervende brulboei Jan Cremer (°1940), icoon van een vervlogen tijdperk, weer in de belangstelling te krijgen. Zopas verscheen De Cremer-tapes, voetnoten bij een schelmenroman, een door Rob van Essen samengesteld boek op basis van de inhoud van Cremers' scheepskisten. Die stonden dertig jaar te verstoffen in de kelders van het New Yorkse Chelsea Hotel (waar Cremer destijds een optrekje had) en bevatten bandopnames, uitgetikte gesprekken en notitieboekjes uit de vroege jaren zeventig. Het boek biedt "alle opinies, herinneringen, opvattingen en driften die de schrijver karakteriseren", aldus de uitgeverij. Het weekblad HP/De Tijd is niet onder de indruk: "Toen was toen en nu is nu, en het verschil is dat Jan Cremer indertijd als enige buiten stond, en de rest van Nederland binnen. Inmiddels is dat omgekeerd en doet Cremers oubollige vrijgevochtenheid ultraconservatief aan. Jan vervaardigde met De Cremer Tapes zijn eigen Onverbiddelijke Persiflage." Het fameuze Ik, Jan Cremer ("de bandeloze ontploffing tussen autobiografie en mythomanie", aldus W.F. Hermans), vol branie, seks en avonturen, dateert van 1964 en veroorzaakte destijds een aardverschuiving in sommige Nederlandse leeshoofden. "Het druipt van bloed en sperma", vond Clara Eggink vol afschuw. Het boek bereikte een miljoenenoplage en werd wereldwijd vertaald. Vorig jaar verschenen Cremers Brieven 1956-1996 (De Bezige Bij) en het door Hans Dütting samengestelde Jan Cremer, documentaire (Signature), waarin Cremers parcours "van ondervoede oorlogswees tot gevierd kunstenaar en bestsellerschrijver" uitvoerig wordt gedocumenteerd.
Tags:
Geplaatst door Dirk Leyman op 10-12-2006
Verwante berichten
Reacties
Er werden nog geen reacties geplaatst.
Geef uw mening