Briefwisseling Houellebecq-Bernard-Henri Lévy nu ook in het Nederlands verschenen

De Franse letterenwereld stond helemaal op zijn kop vorig jaar: wie had durven vermoeden dat de gecoiffeerde linkse filosoof Bernard-Henri Lévy én aartspessimist Michel Houellebecq elkaar zouden vinden in een brievenboek? "Tussen ons beiden ligt een wereld van verschil, behalve op één punt, en niet het minste: wij zijn allebei tamelijk verachtelijke individuen", zo opent Houellebecq de esbattementen in Publieke vijanden, een e-mailbriefwisseling die beide heren in het grootste geheim voerden tussen januari en juli 2008 en vorige week ook in het Nederlands verschenen is, in een coproductie tussen uitgeverijen De Arbeiderspers en De Geus en een vertaling van Rokus Hofstede (BHL) en Martin De Haan (Houellebecq).
Houellebecq en BHL roepen zich er uit tot de meest verguisde creaturen van Frankrijk en lijken na elke brief nog rotsvaster te geloven in hun pariapositie. Het is alsof ze opgejaagd worden als “een meute honden”, vervolgd en uitgekotst worden door de Franse media en, zegt Houellebecq, “veel vooraanstaande journalisten [..] zouden een zweem van vreugde voelen wanneer ze zouden vernemen dat ik zelfmoord heb gepleegd.” (“ik heb ongeveer het profiel voor een dergelijke daad, dus dat zou niemand echt verwonderen”, voegt hij er droog aan toe). Het martelaarschap en het feit dat ze uitgespuwd worden vormt zowat de baseline van deze briefwisseling, maar is tegelijk ook de horde die je moet nemen om dit boek écht binnen te treden en ten volle te smaken.
Houellebecq geeft prikkelende voorzetten bij de vleet, terwijl Lévy veel meer tromgeroffel nodig heeft om ter zake te komen. Houellebecq bekreunt zich nogal over zijn "misantropische apathie" en hij stelt ze tegenover BHL's dadendrang en egotisme. Ze kraken harde noten over het engagement, waarover de activist en de defaitist vanzelfsprekend van mening verschillen.
Houellebecq klaagt, jeremieert en lokt BHL uit zijn hok met soms ongerijmde anekdotes. BHL gooit er graag de grote middelen tegenaan. Hij plamuurt zijn brieven dicht met eruditie en wijst Houellebecq terecht als hij te kort door de bocht zwiert. Met verve bomen ze door over Houellebecqs geliefkoosde schrijvers en filosofen als Pascal, Schopenhauer en Baudelaire en over Lévy's voorliefde voor Spinoza, Flaubert, Sartre, Levinas of Goethe. Op geen enkel moment heb je de neiging om af te haken. Verguld moet je toegeven dat deze correspondentie tussen deze Franse stijfkoppen lang geen slecht idee was. In Frankrijk bleek na alle mediaheisa dat de verkoop van het boek sterk tegenviel (zie hier). Benieuwd welk lot het boek in Nederlandse vertaling beschoren is.
Tags:
Geplaatst door Dirk Leyman op 07-09-2009
Verwante berichten
Reacties
Er werden nog geen reacties geplaatst.
Geef uw mening