'Parijs denkt' maakt rondgang langs Franse intellectuele spraakwatervallen

Nergens staat de intellectuele mensensoort zo hoog in aanzien als in Frankrijk. "De intellectueel hoort bij Frankrijk als de Eiffeltoren, stokbrood en rode wijn", zo zegt Marc-Olivier Padis van het tijdschrift Esprit in het boek Parijs denkt. Een Republiek tegen de wereld. De Nederlandse historicus en politiek filosoof Marijn Kruk gaat in deze nieuwe publicatie na waar "de Franse voorliefde voor het abstracte en het theoretiseren" vandaan komt. Hij stelt - met lichte verbazing - vast hoe gemakkelijk denkers als Alain Finkielkraut, Michel Onfray en de onontkoombare Bernard-Henri Lévy nog steeds hun welluidende en soms provocatieve frasen in de media kwijt kunnen. En waarom worden starre linkse denkers als de 72-jarige Alain Badiou, met zijn maoïstische roots, er nog altijd zo aan de borst gedrukt? De erfenis van Emile Zola, die het begrip 'intellectueel' tijdens de Dreyfusaffaire muntte, wordt in Parijs met veel vertoon getorst. Kruk maakt met veel kennis van zaken een rondgang langs de Franse haute intelligence. Hij kan een monkellach over al die verbale krachtpatsers en gedreven pennenvoerders niet verbergen. Keurig en spits brengt hij de hete hangijzers die het debat kruiden in kaart: de zoektocht naar de Franse 'identiteit', republiek en godsdienst, de erfenis van mei '68, het koloniale verleden en het integratiemodel. En hij gluurt binnen bij de Ecole Normale Supérieure, dé kweekschool van de denkende elites, waar zowel Sartre als Bernard-Henri Lévy de stiel van publieke intellectueel leerden. Zie ook VPRO Boeken.

Tags:
Geplaatst door Dirk Leyman op 02-02-2010 om 15:18
Verwante berichten
Reacties
Er werden nog geen reacties geplaatst.
Geef uw mening