Bernard Dewulf is verrassende Librislaureaat

Bernard Dewulf, een van de vier Vlaamse genomineerden voor de Libris Literatuurprijs streek zojuist in Amsterdam hoogst verrassend de 50.000 euro op voor zijn miniaturen­bundel Kleine dagen. De jury, onder leiding van de topman voor verf- en chemiebedrijf Akzo Nobel Hans Wijers, prees in het Amstel Hotel Kleine dagen (Atlas) als "een stilistisch kroonjuweel". In de bundel legt Dewulf het va-et-vient van het gezinsleven en zijn opgroeiende kinderen vast. De meeste columns verschenen eerder in de krant De Morgen, waarvoor hij jarenlang columnist was. De bekroning van Dewulf betekent dat de Libris Literatuurprijs, na Verhulst in 2009 met Godverdomse dagen op een godverdomse bol (zie hier), voor het tweede jaar op rij naar een Vlaming gaat. 

"De schoonheid van deze notities zit hem in de stijl, in de precisie en elegantie van de verwoording," aldus nog de jury waarin naast voorzitter Wijers ook nog Joris Gerits (emeritus-hoogleraar Letterkunde aan de Universiteit Antwerpen), Joke J. Hermsen (auteur en filosoof), Susan Smit (auteur, literair criticus en columniste) en Aleid Truijens (auteur, literair criticus en columnist bij de Volkskrant) zetelden. "Je moet het maar durven. Schrijven over het aller-, allergewoonste, dat tegelijkertijd het meest dierbare is: je eigen kinderen. Het is wonderlijk en fascinerend, als je rust neemt om het groeiproces van kinderen scherp en met liefde te observeren. (...) Het zijn de beste schrijvers die geen kosmische thematiek nodig hebben om te schitteren, en om door te dringen tot de essentie van ons bestaan." De jury opteerde "voor een titel die aansluit bij de door haar gesignaleerde trend dat schrijvers zoeken naar het terugvinden van geluk in de microsfeer."

Met Bernard Dewulf en zijn bundel Kleine dagen heeft de jury vooral resoluut geopteerd voor een bundel die vooraf nergens als favoriet stond aangemerkt op de zeskoppige shortlist. Daarop prijkten vier Vlaamse auteurs (Walter van den Broeck, Peter Terrin, Tom Lanoye en Dewulf) en twee schrijfsters Marie Kessels (met Ruw) en Mensje van Keulen (Een goed verhaal). 

Het waren vooral Tom Lanoye (met zijn flamboyante moederhommage Sprakeloos) en Peter Terrin met zijn beklemmende roman De bewaker die in de prognoses overal de grootste kansen werd toegedicht. En nadat Lanoye de Gouden Uil verrassend misliep en Cees Nooteboom de eer kreeg voor 's Nachts komen de vossen, gingen velen er blind van uit dat dit nu wel rechtgezet zou worden. Maar de Librisjury, die een patent heeft op soms ongewone winnaars, koos voor kleinschaligheid. Net als bij de Gouden Uil ging de prijs naar een bundeling van 'novellen', al kun je ze eerder 'miniaturen' noemen. Maar zoals Lanoye ook al zei na de Gouden Uil: de favoriet, die haalt het bij de literaire prijzen meestal niet.

Bernard Dewulf is naast columnist ook dichter. Zijn laatste dichtbundel, Blauwziek, verscheen in 2006. Hij publiceerde daarvoor onder meer de dichtbundel Waar de egel gaat (1995) en de essaybundel Bijlichtingen (2001). Dewulf studeerde Germaanse filologie en vertaalde het klassieke toneelstuk Alcestis, in de bewerking van Ted Hughes. Andere boeken van zijn hand zijn Loerhoek (2006) en Naderingen (2007). Hij was nauw betrokken bij het Nieuw Wereldtijdschrift.

Tags: Literaire prijzen, Nederlandse literatuur
Geplaatst door Dirk Leyman/Hans Cottyn op 10-05-2010
Verwante berichten
Reacties
Er werden nog geen reacties geplaatst.
Geef uw mening