Literair supplement - aflevering 12

Wekelijkse rubriek met een selectie uit de voornaamste literatuurrecensies uit dag- en weekblad (periode 3-7 augustus), in Vlaanderen en Nederland. In samenwerking met Athenaeum Boekhandel.

 

Uitgelezen, de boekenbijlage van De Morgen, opende woensdag met een recensie van Yves Desmet over Het land is moe van de vandaag overleden historicus Tony Judt. Marnix Verplancke is onder de indruk van Februari van Lisa Moore. Die evoceert in "een bijzonder poëtische en associatieve stijl" het leven van Helen, wiens man omkwam bij een ongeluk op een booreiland voor de kust van Newfoundland en "schetst een overtuigend menselijk portret". Voor Italiaans Kort las Joseph Pearce Van acquit van Pietro Grossi - enerzijds een onderkoelde stijl, anderzijds een verhaal vol dramatische, maar subtiel aangebrachte wendingen - en Het laatste concert van Nicola Lecca (foto), die "balanceert voortdurend tussen originaliteit en trivialiteit". Jan Debackere interviewt David Nicholls. De nostalgische veertiger beleefde een doorbraak als scenarioschrijver voor Cold Feet en oogst nu succes met De eerste dag, een liefdesverhaal waarbij de auteur zich bedient van een originele techniek: hij beschrijft elke 15de juli uit het gezamenlijke leven van Emma en Dexter, "alsof je door een foto-album bladert", merkt de auteur op die zijn werk intussen al tot een filmscenario omturnde. Dirk Leyman is behoorlijk te spreken over de rauwe en deprimerende verhalen uit Vogels die vlees eten van debutant Thijs De Boer. De in kale taal gevatte verhalen vol outcasts, psychiatrische patiënten en verslaafden scheppen "een ijzige atmosfeer die geniepig om je heen blijft hangen", een "eersteling die hoog boven het maaiveld uitsteekt".

 

Voor de Standaard der Letteren las Willem van Zadelhoff de novelle Een minuut stilte van de Duitse auteur Siegfried Lenz. Het verhaal van de liefde tussen de achttienjarige Christian en zijn lerares Engels levert een mooi en indrukwekkend boek op. Het "poëtisch kleinood" is aanrader van de week.

Arjen Fortuin gaat uitgebreid in op thema en betekenis van De schilder en het meisje van Margriet de Moor, recensie eerder verschenen in NRC. Elke episode in het achterstevoren vertelde Ik kom je halen als het zomer is van Hans Münstermann maakt de personages menselijker, vindt Mark Cloostermans. Dit deel uit de Andreas Klein-kroniek focust op de oudste zoon van het gezin, de mentaal gehandicapte Joachim. Soms "werkelijk hartverscheurend". Maar "op andere momenten zit Münstermann te nadrukkelijk te hengelen naar een traan"

Kathy Mathys interviewt Ron Rash (foto) die tien jaar werkte aan Serena, een verhaal over het leven binnen in een houthakkersmilieu in de Appalachen tijdens de jaren twintig van vorige eeuw. Met De wil en het lot wou Carlos Fuentes, na een literaire carrière van een halve eeuw, de ultieme roman over Mexico-stad schrijven, stelt Marijke Arijs. Maar Fuentes maakt er een kluwen van, vol loodzware beeldspraak, uitleggerigheid en herhalingen waardoor het overzicht compleet zoek raakt: pretentieus en minstens zo chaotisch als Mexico zelf is het eindoordeel. Voor Zomerhit grijpt Michaël Bellon terug naar 1982, het verschijningsjaar van Memoriaal van het klooster van de onlangs overleden José Saramago, een barok kunstwerk even verbeeldingrijk als historisch. 

 

Boek van de week in Knack is Het graf van de voddenraper. Mortsels requiem van Bart Vercauteren. Voor Frank Hellemans treedt die 48-jarige debutant met zijn neoklassiek proza in de voetsporen van Leo Pleysier en Erik Vlaminck. Hij beschouwt het werk - een empathische registratie van die typische Vlaamse mentaliteit van binnenvetter, die te laf voor het leven het verdriet in stilte opkropt - als allicht het meest markante Vlaamse debuut van het jaar. Philip Hoorne recenseert Secuur van Frederik Lucien De Laere; die schreef een themabundel over beveiliging, bescherming, afweer en verdediging. Boeiende poëzie vanuit een originele invalshoek vindt de recensent, al ziet hij wel de bouten en de schroeven waarmee het in elkaar is gezet. Henk van der Waal is met Zelf worden al toe aan zijn vierde bundel maar de dichter blijft met zijn in de filosofie geworteld werk in Vlaanderen eerder onbekend, constateert Bart Van der Straeten. Onterecht, want "Van der Waals poëzie is een lust voor oog, oor en geest en legt in schitterende formuleringen onvermoede waarheden bloot". En Tom Van Imschoot buigt zich over Afscheid van Congo; het relaas van de reis die auteur Erwin Mortier maakte met Jef Geeraerts, terug naar de plekken waar die als koloniaal ambtenaar werkt: een linke onderneming waarbij Mortier wel erg uit gaat van de "vanzelfsprekendheid van het literair-historisch en documentair belang ervan". Voor het stuk Een verliefde kraai aan het Gardameer reisde Piet de Moor Franz Kafka (afbeelding) achterna. Die verstopte zich in september 1913 - na de breuk met Felice - drie weken lang in het Von Hartungen-sanatorium te Riva aan het Gardameer.  

   

Monica Soeting leest in Trouw Jenny Diski's De dochter van Montaigne (foto) met plezier ('De spannende, meeslepende opbouw en de zinnelijke beschrijvingen smaken naar meer - zo niet naar de essays van Marie de Gournay, dan zeker naar die van Montaigne.') en Ger Leppers prijst Le Clézio's Refrein van de honger ('In dit boek speelt hij opnieuw een van zijn grootste troeven uit: zijn vermogen zich te verplaatsen in de onbevangen blik en gedachten van een kind.' en: '... het is de kracht van Le Clézio als schrijver dat dit heel gewone onder zijn hand, door de keuze van sprekende details en een karig woordgebruik, nu juist bijzonder wordt.').

 

Ineke van den Bergen opent de Volkskrant-boekenpagina's met een interview met thrillerauteur Michael Robotham. En net als Herman Stevens vorige week in Het Parool looft Wineke de Boer Le grand Meaulnes ('In Le grand Meaulnes weet Alain-Fournier in een onopgesmukte stijl een magische werkelijkheid op te roepen. De werkelijkheid waarin adolescenten leven, spannender en raadselachtiger dan die van volwassenen, en met andere wetten: beloftes van trouw zijn er voor eeuwig.') en heeft ze weinig op met de nieuwe vertaling ('een weloverwogen interpretatie in goed en welluidend Nederlands blijft te verkiezen boven houterige precisie'). Ariejan Kortweg bespreekt daarnaast Justine Lévy's Slechte dochter ('staat stijf van het zelfbeklag, de half afgemaakte gedachten en de clichés over wat dochters zoal met hun moeder te stellen kunnen hebben') en Jan Luijten Siegfried Lenz' Een minuut stilte ('een prachtig verhaal over een tedere liefdesrelatie tussen de 18-jarige gymnasiast Christian en zijn jonge lerares Engels, Stella Petersen', vijf sterren).

 

Na de gebruikelijke actuele non-fictie (Oprah, Oost en West, The World is Flat) zet de boekenbijlage van NRC Handelsblad groot in op fictie: een interview over twee pagina's met jeugdboekenschrijfster Floortje Zwigtman (foto), over onder meer haar 'Groene Bloem'-trilogie en de kritiek op de gewelddadigheid in haar vorige boek Wolfsroedel: 'Blijkbaar hebben nog veel mensen het idee dat kinderen en jonge mensen leven in een lieve wereld, en moeten nare dingen in een boek worden rechtgezet. Ik ben allergisch voor dat soort boodschappen. Ik geloof niet dat alles goed komt met een wijs lesje aan het eind.' Besprekingen zijn er verder van Guichelheil van Huub van der Lubbe ('Hij zingt graag over het leed van de buitenstaander die lijdt aan de tijd, en het liefst een beetje naast de tijd wil leven.'), van Wie wij schuilen van Sasja Janssen ('Het is geen vrolijke wereld die Janssen beziet en in beeld brengt. Maar zo lukraak als ze die wereld in Papaver te lijf ging, zo raak mikt ze nu.'), en van De kunst van het stelen door de zeventiende-eeuwse jezuïet Padre Manuel da Costa, die volgens Ger Groot 'op uiterst spitse en pakkende wijze' een uitvoerige beschrijving geeft van hoe mensen elkaar bestelen. Ook looft Groot 'de schitterende wijze waarop Harrie Lemmens dit boek in sprankelend Nederlands heeft overgezet'. Rob van Essen ten slotte is lyrisch over de opnieuw uitgebrachte vertaling van Flann O'Briens Op Twee-Vogel-Wad: 'iedereen die dit boek ongelezen laat, doet zichzelf ernstig tekort'.

 

In De Groene een beschouwing van Laurens Ham over de actualiteit van Multatuli met betrekking tot het debat over autonomie en engagement. Joost van Driel bewondert én bekritiseert de vertaling van Hadewijchs Liefdesliederen door Jan Kuijper, zoals zijn keuze om Hadewijchs aanduiding voor God, 'lief', te vertalen met 'liefje': 'In enkele regels uit het 25ste gedicht leidt dat tot een wat populair jargon: "Maar is liefje aan liefje zo vast gebonden dat liefje van liefje niet scheiden kan, heeft liefje in liefje zo'n smaak gevonden dat liefje lief leeft in liefdes' ban". Kuijpers taalgevoel toont zich hier heel mooi, maar de verzen hebben niets meer te maken met wat Hadewijch oorspronkelijk schreef.' En Gustaaf Peek is vol lof over Asta's ogen: '... een vloeiend boek, helder van opzet en fijn van detail, nuchter maar barmhartig.'

 

In de Republiek der Letteren van Vrij Nederland een interview met psychoanalyticus Adam Phillips, van wie onlangs On Balance verscheen, een verzameling essays en beschouwingen over balans en de tegenhanger van dat begrip, het exces. Dries Muus looft de 'meeslepende stijl' in Opnieuw en opnieuw en opnieuw van Joost Vandecasteele, dat volgens hem 'overtuigt'. Ten slotte: in de rubriek 'Tijd van leven': vertaler Paul Beers (briefwisseling Bachmann - Celan): 'Ik lees graag in het Nederlands vertaalde literatuur, omdat ik inmiddels vele collega-vertalers ken. Goede literaire auteurs worden nu goed vertaald. Ik vind het leuk om te zien hoe ze het doen. Ik heb het geluk gehad dat ik al het werk heb kunnen vertalen van schrijvers door wie ik diep werd geraakt: Witold Gombrowicz, Ingeborg Bachmann en Robert Menasse.'

 

In Het Parool interviewt Theo Hakkert Lisa Moore (Februari). Guus Luijters looft Prosper Mérimée in een nieuwe Voetnootvertaling ('het lezen van Mateo Falcone is een aangrijpende ervaring, die u de rest van uw leven zal vergezellen') en Dirk-Jan Arensman is enthousiast over Brady Udalls De eenzame polygamist ('... de magie van De eenzame polygamist schuilt vooral in de perfecte balans tussen humor en tragiek, en de verrassende invoelbaarheid van al die honderd dingen waar zijn ogenschijnlijk buitenissige personages mee worstelen.').

Verwante berichten
Reacties
Er werden nog geen reacties geplaatst.
Geef uw mening