Literair supplement - aflevering 53

Het weekoverzicht van de belangrijkste literatuurrecensies- en interviews uit kranten- en weekbladen in Nederland en Vlaanderen. In samenwerking met Athenaeum Boekhandel in Amsterdam. Heel wat aandacht voor de "postume" Hugo Claus, naast recent werk van Thomas Verbogt, Sandro Veronesi (foto), Steven Van Watermeulen, Yolanda Entius en Philippe Claudel.


In Knack overschouwt Frank Hellemans De wolken. Uit de geheime laden van Hugo Claus: "een prima bloemlezing die eindelijk Claus, de mens van vlees en bloed én de worstelende schrijver, onverbloemd laat zien". Lof ook voor de samensteller Mark Schaevers, al vindt de recensent dat hij zijn selectie maar beknopt verantwoordt. Tot slot een pertinente vraag: "Hoe selectief is dan het beeld dat De Wit via Schaevers de wereld in wil sturen? Wellicht is dit maar het topje van de ijsberg". Jan Stevens weet het nu al : XY van Sandro Veronesi is dé literaire sensatie van 2011. Voor Een kwestie van geluk van Esther Freud zit Stevens op de lijn van zijn collega's-recensenten : ".. vrij zorgeloos leesvoer. Een beetje meer diepgang had geen kwaad gekund". En voor Bart Van Loo is het duidelijk, in het boodschapperige Het onderzoek van Philippe Claudel "stapelen de ongeloofwaardige ontwikkelingen zich op (...) een boek dat er niet in slaagt zijn ambities waar te maken en dat al gauw gaat vervelen".
Philip Hoorne labelt de poëzie van Anton Korteweg gebloemleesd in Voor mannen is 't niet erg als "comfortabel ongelukkig" : Anton Korteweg "is een verdraaid goed dichter, die een grotere faam verdient dan hij geniet".


Een ode van Gerda Dendooven aan A.M.G Schmidt opent Uitgelezen van De Morgen. In Buitenlanders focust Caryl Phillips op drie zwarten die op verschillende tijdstippen een belangrijke rol speelden in de Britse geschiedenis. Marnix Verplancke vindt het fascinerend hoe de auteur ieder deel volstrekt anders heeft aangepakt, Phillips' grote bekommernis blijkt: "Het gaat niet goed met de modale zwarte Brit, en het zál zo lezen we tussen de regels ook nooit goed gaan met hem, want hij hoort hier niet thuis."

"Claus spreekt tot ons.." vindt Dirk Leyman, na een eerste blik op De wolken "...schalks,slim, soeverein. En soms ook twijfelend". Of "De wolken is een onbevangen en ongepolijst boek, maar wel bijzonder fraai van snit, passend bij de kolos Claus". In zijn debuutroman Landschap tussen alles of niets reflecteert acteur Steven Van Watermeulen "over de dunne grens tussen schijn en wezen". Dirk Leyman las "een geanimeerde brok Vlaamse theatergeschiedenis" (onder meer over zijn mentor Dora van der Groen) maar vindt ook dat het boek iets ongerichts heeft. "Regelmatig komt Van Watermeulen met al te abstracte gedachtengangen waar je je langdurig het hoofd moet over breken. Het geeft de roman iets chic, maar voegt weinig toe."

 

De complete Standaard der Letteren is deze week gewijd aan Annie M.G. Schmidt.

 

De biografie van deze week in de bijlage Boeken van Trouw is Dronken van het leven over A. den Doolaard (foto), waarover Jaap Goedegebuure zich kritisch toont: "[...] als journalistiek geschrift geslaagd te noemen. Daar staat tegenover dat het niet al te diep graaft en soms ook nogal onnauwkeurig met historische feiten omspringt". Annemarié van Niekerk looft de manier waarop de Vietnamees-Canadese Kim Thúy in Ru, over haar verleden als bootvluchteling vanuit Vietnam, "het evenwicht weet te bewaren tussen brute onsentimentele eerlijkheid aan de ene, en een bekoorlijk lyrische inslag aan de andere kant". De debuutroman van Erik Menkveld, Het grote zwijgen, wordt betiteld als "een roman van verstilling en extase", maar ook als "een onmodieus boek over onmodieuze personages en op een onmodieuze toon". Die twee blijken niet met elkaar in tegenspraak: "voor de Feingeist is deze verheven wereld de ware." 

Een grote bespreking is er van Lydia Davis' Bezoek aan haar man. Julie Phillips ontkomt niet aan een vergelijking met Davis' ex-man Paul Auster: "Net als Auster is Davis een minimalist, met een eigen, kenmerkende stijl. Maar waar Auster een hang heeft naar het mysterieuze en abstracte, zoekt Davis naar betekenis in huiselijke details: geluiden die van buiten binnendringen, de meubilering van een kamer." Die constatering leidt uiteindelijk tot de conclusie: "Literatuur bevindt zich hier, in de losse stukjes en de graatjes van het leven - als we het maar willen zien."

 

De boekenbijlage van de Volkskrant   opent  met Claude Lanzmann. Parijscorrespondent Ariejan Korteweg interviewde hem. Terechte vraag: "Claude Lanzmann, de man van Shoah; hoe is het om voor eeuwig met die ene film verbonden te zijn?" Vanzelfsprekend antwoord: "Neem me niet kwalijk, er is wel wat meer dan dat. Ik ben een mens, een man ook die van vrouwen houdt. Dat lees je terug in het boek, mag ik hopen. De Patagonische haas is ook grappig, dacht ik. Zoals wanneer ik beschrijf hoe ik met een vriend over de Champs-Elysées loop en plannen maak om vrouwen te versieren." 

De korte recensies zijn alle met drie sterren bekroond, de iets langere, door Hans Bouman van Sherwood Andersons Winesburg, Ohio, dan wel meteen met vijf: "Anderson munt uit deze levens een leeservaring die je bij de strot grijpt en pas weer loslaat als Willard in het slotverhaal uit Winesburg vertrekt en op de trein naar Chicago stapt."
Geen uitgebreide recensies van Nederlandse fictie deze boekenbijlage. Wel Wineke de Boer over de debuutroman van de Fransman Sacha Sperling ("Als debuut is Ik, voor eeuwig, zonder meer geslaagd. Al had de epiloog, waarin de lezer al te nadrukkelijk wordt verteld dat dit allemaal maar fictie is, geschrapt mogen worden.") en Joost Pollmann over Daniel Clowes' De ideale man ("Maar hoe effectief is de lulletjerozewaterstijl van Clowes!").

 

In het Cultureel Supplement van NRC Handelsblad bezoekt Jaap Scholten de koffiehuizen uit het oeuvre van Deszö Kosztolányi (van wie deze week De avonturen van Kornél Esti is verschenen). "Kosztolányi, (foto) misschien dankzij de hypersensitiviteit door de twintig espresso's per dag, voorvoelde het goed; ze hadden weinig tijd. De wereld liep ten einde, tenminste de wereld zoals hij die kende."
Pieter Steinz is enthousiast over Thomas Verbogts Perfecte stilte: "... niet een roman die je leest met rooie oortjes van de spanning, of met het idee dat je een hemelschokkend nieuw inzicht krijgt in wat Thomas Verbogt in zijn dertigste jaar als gepubliceerd schrijver beweegt. Het is een well-written novel waaruit je als recensent blijft citeren, als je niet oppast." En Elsbeth Etty, over Hugo Claus' postume De wolken: "Als van dit intieme één eigenschap in het oog springt, dan is het wel dat "t bijzonder prettig leest, misschien wel omdat de auteur zich daar niet meer tegen kon verzetten." Verder: Wil Rouleaux over Stephan Thomes "breed uitgespannen roman" Weidmanns redding, en Toef Jaeger over Kopano Matlwa's tweede roman Gedane zaken, geschreven "met knappe distantie".

 

In Vrij Nederland een groot profiel door Coen Verbraak van Karel van het Reve. Het zesde deel van zijn Verzameld werk verschijnt een dezer dagen. "Van het Reve bediende zich ook in gesprekken vaak van een geslepen retoriek die hem voor anderen nagenoeg ongrijpbaar maakte. Hij tartte zijn opponent maar veinsde bij  een tegenstoot opeens onwetendheid." Jeroen Vullings gaat in Dichters & Denkers in gesprek met Laurent Binet (foto) van HHhH. Over Heinrich Heydrich als literair personage, en zijn overmoed: "Een makkelijk antwoord is: hij was ook zo. Maar ik had zwaarwegender redenen om zijn hubris te tonen. Door zo'n oud-Griekse toon, zo'n klassiek literaire benadering, hoefde ik geen psychologische typering van Heydrich te geven - die zou vals zijn geweest, want op dat vlak doorgrond ik hem niet. Bovendien is hubris het concept dat volgens ook het meest het nazisme verklaart."

 

Deze week in Dichters & Denkers van De Groene Amsterdammer leest Hassan Bahara Yolanda Entius, Het kabinet van de familie Staal: "Het is uitgebeend, repetitief proza dat de verstikking, de paniek en de angst binnen het geschetste gezin krachtig op de lezer overbrengt." Piet Gerbrandy bespreekt Vrouwkje Tuinman, Wat ik met de sleutel moet: "De dichter laat zich in al haar kwetsbaarheid op de vingers kijken."

 

In Het Parool buigt Arie Storm zich over de nieuwe Thomas Verbogt, (foto) Perfecte stilte. Hij vergelijkt de auteur met Gerard Reve en J.D. Salinger: "dat zijn schrijvers die veel met elkaar gemeen hebben [...]. Die zoeken in hun werk eveneens vaak de grenzen van de kitsch op." Verder bespreekt Jasper Henderson Giorgio Vasta, Materiële tijd en Victor Schiferli René Huigen, Levenskunst voor jonge mensen.

Volgens Dirk-Jan Arensman is er niet veel dat Lawrence Hills Het negerboek ervan weerhoudt tot een onversneden meesterwerk uit te groeien: "Het [...] is niet alleen een een mede door de voorbeeldige research meeslepende, maar ook prachtig geschreven roman" over "een West-Afrikaanse slavin [die] vijf decennia gruwelijke geschiedenis" bestrijkt. Guus Luijtens bespreekt Georges Perec, Tips en wenken voor wie zijn afdelingschef om opslag wil vragen en Maarten Moll laat zich in zijn column lovend uit over Het dodevissenmuseum van Charles D'Ambrosio.

 

In HP/De Tijd Dries Muus over Johan de Boose, Bloedgetuigen, een opvallend uitwaaierend epos over de twintigste eeuw: "De personages worstelen zich - vaak letterlijk - door hun uitzichtloze levens en worden geconfronteerd met de grote rampen van hun tijd." Daarnaast een bespreking van Onder pseudoniem, het debuut van Eveline Vreeburg over de jonge Eefje die naar de grote stad trekt om het te maken als actrice. Sterk daaraan is "dat Vreeburg je de ruimte geeft om het trauma achter Eefjes afstandelijkheid zelf in te vullen". Boudewijn Geels leest ten slotte Jens Olde Kalter, De kickbokser. Ernesto Hoost, "Mister Perfect" van de vechtsport: "Wie het uit heeft, weet alles over kickboksen, maar voor de "gewone" lezer is het misschien wel erg gedetailleerd."

 

Verwante berichten
Reacties
Er werden nog geen reacties geplaatst.
Geef uw mening